Archief | juli, 2016

Blurring?

12 Jul

Van Winkelstraat naar Horecastraat?

Spookstad (2)

Frederieke Hegger schreef op 9 juli een artikel onder de intrigerende kop “Hoe de winkelstraat langzaam verandert in een horecastraat”. Een artikel blijkbaar gebaseerd op de constatering van Locatus dat, in de 124 grootste centrumgebieden, sinds 2004 het aantal detailhandelsvestigingen gestaag daalt, maar het aantal horecavestigingen stijgt. Helaas haalt ze, en de aangehaalde experts maken dat er niet beter op, hier wel een aantal begrippen door elkaar. Gegeven het feit dat deze trend roept om overheidsingrijpen, en de wetenschap dat kennis van retailzaken bij de overheid gewoonlijk in een vingerhoed kan, is het juist belangrijk om al die verschillende soorten ‘blurring’ te scheiden.

Blurring, wat is dat?

 

Letterlijk vertaald betekent het gewoon ‘vervaging’, het wegvallen van een duidelijke scheidslijn tussen het één en het ander. Hoewel ‘Blurring’ in deze zin overal in winkelcentra en winkelformules voorkomt, wordt het opeens in een heel nauw verband gebruikt, namelijk het (deels) wegvallen van het onderscheid tussen horeca, slijterij en andere winkels. Daarover later, maar dit begrip heeft als zodanig helemaal niets te maken met Hegger’s constatering dat steeds vaker winkelruimte verandert in horeca.

Waar, maar het is géén blurring.

Blurring heeft ook weinig tot niets te maken met andere onderwerpen in deze publicatie, zoals de chronisch teruglopende attractiviteit van stadscentra, met name in kleine en middelgrote steden. Of met de financiële crisis die volgens té veel ‘experts’ allang over zou moeten zijn, maar die in de praktijk nog jaren zal voortduren. Het heeft ook niets te maken met het feit dat nog altijd winkels en winkelketens proberen zich met de succesfactoren van een rijk verleden een toekomst in Retail 3.0 te verschaffen. En daarin, zichtbaar in elke winkelstraat, hopeloos falen.
Al 25 jaar geleden constateerde ik dat, waar het de Kamer van Koophandel (nu Locatus) toen eindelijk gelukt was een éénduidige codering voor branches te hanteren, het begrip ‘branche’ in snel tempo haar betekenis verloor. Wie nu een Kruidvat binnen loopt ziet dat de scheidslijnen tussen die branches allang vervaagd zijn.
Waarom nu opeens al die aandacht voor dat ‘blurring”?

Horeca/Winkels/Slijterijen

boekhandel02 (2)

De opmerking van Kitty Koelemeijer dat het heel vreemd is dat je in een slijterij wel wijn mag kopen, maar het niet mag proeven, snijdt zeker hout. Terwijl je in de horeca alles mag proeven, maar niks mag kopen. Een kapper mag best koffie schenken aan de klant, maar een glas whisky mag weer niet. Zo’n rigide onderscheid doet inderdaad middeleeuws aan. Daar zou best, in een modern belevingsconcept, een specifieke uitzondering op het vergunningenstelsel gemaakt kunnen worden. Maar om dit voorbeeld nu te gebruiken om het overal toe te staan alcohol te schenken en te verkopen, dát gaat me, ook met het oog op de volksgezondheid, veel te ver. Natuurlijk zou een boekwinkel bij de presentatie van een nieuw wijnboek graag een wijnproeverij willen organiseren, of een kookshop, maar in de praktijk (en dat deed ik veertig jaar geleden ook al) kun je dat ook regelen in samenwerking met collega’s in je winkelstraat of winkelcentrum. Gelukkig is ook Cor Molenaar dat met me eens. Daar is helemaal geen verandering in het vergunningenstelsel voor nodig.
Waarom een instelling als het VNG zich bezighoudt met de aantrekkelijkheid van individuele winkels (“Winkels mogen er een beetje horeca bij doen”) is me al helemaal een raadsel. Winkels en winkelformules hebben zóveel mogelijkheden om hun aantrekkelijkheid voor het publiek te vergroten, dat ‘blurring’ helemaal niet nodig is om hun positie te verbeteren. Omgekeerd zie ik niet in hoe een winkel met een onaantrekkelijk aanbod opeens aantrekkelijk wordt als je daar een glas wijn kunt drinken of een fles jenever kunt kopen! Je moet wel weinig van winkels weten om dát soort effecten ook maar te vooronderstellen.

Aantrekkelijk Stadscentrum

Rosada

Cor Molenaar heeft natuurlijk gelijk dat de aantrekkelijkheid van een stadscentrum in hoge mate wordt bepaald door de mix van winkelaanbod, horeca, cultuur en (overheids-) diensten. Alleen is de ideale mix sterk afhankelijk van wat de consument nu eigenlijk op een bepaald moment van dat stadscentrum verwacht. In mijn boek ‘Marketing voor Retailers’ heb ik daaraan niet voor niets een heel hoofdstuk (Waarom staat die winkel daar?) gewijd. Het kopen van een wasmachine stelt heel andere eisen aan aanbieders én winkelcentrum dan het zoeken naar nieuwe voorjaarskleding, ingrediënten voor een barbecue party, vakantiebehoeften of schoolspullen. Gaan consumenten boodschappen doen, recreatief winkelen, of wat door de stad boemelen? Ook het tijdstip van het jaar is belangrijk, de dag van de week en zelfs het tijdstip van de dag.

Waardoor die aantrekkelijkheid van welk winkelcentrum dan ook nu wordt bepaald?

1. De reden om te gaan winkelen
2. De aard van de vraag van de consument
3. De omvang van het winkelcentrum (het aantal winkels)
4. De diversiteit binnen het winkelcentrum (in aanbod, service én prijs)
5. De kwaliteit van website en de beschikbaarheid van breedband WIFI in het centrum
6. De opzet, sfeer en activiteit binnen het winkelcentrum
7. De bereikbaarheid van het winkelcentrum (inclusief parkeerruimte)

Dit lijkt me een veel te complexe situatie om ook maar te denken dat je een winkelcentrum aantrekkelijker maakt door zoiets simpels als het toestaan van ‘blurring’. Intussen varen de nodige adviesbureaus wel bij al die ‘proeven’.

Vergunning

Er is altijd een goede reden geweest om de verkoop van alcoholische dranken aan een vergunningenbeleid te koppelen. Tenslotte heeft dat vergunningenstelsel met veel meer aspecten van het horeca vak te maken dan wát je precies verkoopt. Dat geldt ook voor slijterijen. Als je dat echt gaat wijzigen discrimineer je naar aanbieders die wél voldoen aan al die wettelijke eisen. Het is uiterst merkwaardig dat juist veel burgemeesters, colleges en gemeenteraden daar zo gemakkelijk overheen stappen.
Als we daarentegen in dat vergunningenstelsel een paar wijzigingen aanbrengen, en verder werken met tijdelijke vergunningen, krijgt iedereen wat hij in onze moderne wereld nodig heeft. Zonder dat er sprake is van allerlei maatregelen die kunnen leiden tot problemen, in plaats van oplossingen.